(Westland, 29 april 2026). Er zijn nog genoeg Westlanders die oprecht denken dat tuinbouw hetzelfde is als Westland. Die oprecht geloven dat deze regio dé geboorteplaats van tuinbouw is. Die maar niet willen erkennen dat deze economische bedrijfstak eigenlijk historisch gezien maar sinds kort hier zo belangrijk is.
Het exacte begin van de tuinbouw als belangrijke economie-industrie is heel moeilijk aan te geven maar ligt ongeveer tussen de 1,5 en twee eeuwen. Halverwege de negentiende eeuw. Daarvoor werd er vrijwel alleen voor eigen gebruik, groente en fruit geteeld. En dan in feite alleen voor de heel rijke grondbezitters die in bijvoorbeeld Den Haag of Delft huisden maar in de zomermaanden – voor de rust en de schonere lucht – tijdelijk naar ‘de boerenpolder’ verhuisden. Naar hun vaak wel kasteelachtige buitenplaatsen.
Pas daarna ontwikkelde de tuinbouw ‘groen’ industrieel en werd die het innovatief productiecentrum van de teelt van tal van groenten en fruit. Zijn we nu nog steeds wereldwijd op die punten voorlopers en voorbeelden voor de hele wereld.
Maar er wordt nu buiten de schuld van die ‘gelovige’ tuinbouw-Westlanders aan het succes geknaagd. Heel kort gezegd, dat komt omdat we ruimtetekort hebben voor de productie van al die – ik zeg het maar één keer! – trotse Westlandse producten. Die grond is wel elders te vinden maar dan zitten we al gauw in Noord-Holland, in Noord-Brabant of in Drenthe. Sommigen denken daarbij nog naïef aan Zuid-Hollandse gebieden als Oostland maar de grondprijzen daar neigen nu al naar die van het Westland.
Tweede ruimtevragend monster
En daarnaast is er een tweede monster dat ook ruimte vraagt. Dat is de woningnood die vooral leeft in grote buursteden zoals Rotterdam en Den Haag. In die contreien wordt er maar gestaag gelonkt naar Westlandse kassen die toch gemakkelijk te slopen zijn om daarna het gebied vol te bouwen met woningen. Een dreiging die geen stadssprookje is, maar keiharde werkelijkheid.
Er zijn nu ook al realisten die soms heel hard uitspreken dat in de toekomst het Westland een groene buitenwijk van de stadsstaat Den Haag gaat worden. Dat dat één grote nieuwe buitenplaats wordt. Een plek waar de tuinbouw alleen zichtbaar is door de top van de innovatieve bedrijven zoals Priva, Rijk Zwaan en Koppert Cress. Die hooguit nog wat ruimte nodig hebben om hun geheel nieuwe producten nabij in hun eigen proeftuin te laten groeien. Waarna de echte productie elders plaatsvindt, misschien zelfs over de grens.
Inmiddels lijken ook politici en bestuurders voorzichtig te accepteren dat het die kant uitgaat. Tot voor kort was dat een politieke doodzonde.
Kijken naar een bruisend 2050
Bij de VVD hebben ze nu ook een soort tussenweg gevonden in hun toekomstvisie Naar een bruisende Zuidmetropool aan de Noordzee. Dat is een rapport dat ‘uitkijkt’ naar 2050 waarbij de liberalen – heel slim – niet op plaatselijk en ook niet op landelijk niveau de toekomst beschrijven maar dat hebben overgelaten aan hun politieke bloedbroeders van de provincie Zuid-Holland.
Dat is wel handig want lokaal en nationaal zijn dat nu nog meningen die je, als je die te hard zegt, ook kiezers kosten. De provincialen komen nu met voorstellen om het kassengebied kleiner te maken en de vrijkomende ruimte vol te bouwen met extra woningen. Maar ze voegen er wel snel aan toe mét nieuwe infrastructuur en economische vernieuwing.
Bovendien komen ze gelijk met voorstellen dat die tuinbouwmassa wel optimaal functioneel moet worden gebruikt. Dat moet dan onder meer gebeuren via Vertical Farming, het gebruik van gestapelde kassen, zodat je zo min mogelijk tuinbouwgebied ‘verwoont’. Heel subtiel geeft de VVD aan dat het kassengebied in Westland nu al in beweging is. Dat het tuinbouwgebied ieder jaar kleiner wordt, en dat ook het aantal bedrijven daalt.
Westland Museum
Het duurt nog wel even voordat dat Nieuwe Westland realiteit is maar de familieverjaardagen waar de echte ‘tuinbouwgelovigen’ blijven beweren dat het Westland hét internationale tuinbouwgebied blijft zullen steeds minder worden.
Die geschiedenis verdwijnt langzamerhand compleet naar het Westland Museum. Over 20 jaar maakt de politiek daar jarenlang ruzie over. Misschien dat het tweede gemeentehuis dan ambtelijk digitaal is ‘leeggezogen’ en een perfecte museale huisvesting biedt. Het moet welhaast gewoon toeval zijn dat voorzitter van dat museum nu al een VVD-raadslid is.
Rien van den Anker