(Westland 1 augustus 2026, nummer 558). De laatste tijd lijkt er geen dag voorbij te gaan waarop de politieke partij Westland Verstandig geen vragen stelt aan het bestuurscollege van Westland.
Dat is een geliefd middel van met name populistische, vooral oppositiepartijen die actuele zaken snel aan de orde willen stellen omdat deze vragen in relatief korte tijd door het bestuurscollege moeten worden beantwoord. Een voordeel is ook dat zowel het vragen stellen als het krijgen van antwoorden vaak veel extra publiciteit oplevert.
Ombudspolitiek
Dit soort activiteiten zijn onderdeel van het (vakjargon) ombudspolitiek. Dit omdat de onderwerpen vaak kleinschalig en praktisch zijn en direct het leven van de gewone burger raken.
Ze gaan over allerlei onderwerpen, variërend van woningbouw, verkeersveiligheid, handhaving maar ook losliggende tegels en hondenpoep.
Veel kosten
Veel politieke partijen gebruiken deze vragenstellerij geregeld, een aantal heel vaak. De kritiek op hen richt zich vooral op het argument dat sommige vragen veel tijd kosten van de betrokken wethouder en vooral van zijn ambtenaren. Dat kan in de duizenden euro’s oplopen.
Er is in het verleden een periode geweest dat de beantwoording werd voorzien van de tijd- en geldkosten maar die berekening kostte weer veel tijd. En het publiekelijk benoemen hielp helemaal niet.
Gemor
Het gebruik van deze 42-vragen is dus niet gebonden aan een maximum maar er wordt wel verwacht dat een zekere norm van noodzakelijkheid aanwezig is. Die verantwoordelijkheid ligt bij de politici zelf.
Daarom was er onlangs wel enig gemor toen Westland Verstandig 79 vragen over de nieuwbouw van het theater De Naald stelde. Die partij is trouwens koploper en vragenkampioen en staat al jaren op nummer 1 bij het aantal gestelde vragen. Ook als coalitiepartij.
Irritatie bij raadsleden en college
Nu het aantal WV-vragen sinds de komst van een nieuw bestuurscollege aanzienlijk is toegenomen, neemt ook de irritatie bij andere partijen toe. En die leeft inmiddels ook bij het college van burgemeester en wethouders.
Hetgeen ook doorgedrongen is bij Westland Verstandig zelf, want deze week was er een persbericht waarin ze uitlegt waarom ze zoveel vragen stelt.
‘Juist het beantwoorden van vragen van gekozen volksvertegenwoordigers behoort tot de kerntaken van een gemeentelijke organisatie. Democratische controle kost tijd, maar is onmisbaar voor een open, transparant en betrouwbaar gemeentebestuur,’ is het verweer.
‘Niet de vragen zijn het probleem maar de problemen die aanleiding geven om vragen te stellen. Het gaat zeker niet om vragen te stellen om het vragen stellen,’ aldus WV in het persbericht.
Neveneffect
Toch ontkomt een ieder die weet hoe de politiek werkt niet aan de indruk dat de tsunami van vragen ook een neveneffect heeft om het zittende bestuurscollege te jennen.
Ongetwijfeld speelt ook mee dat WV nog steeds boos is op de nu zittende partijen als GemeenteBelangWestland, VVD en CDA. Omdat die tijdens de collegeformatie hun partij rücksichtslos terzijde hebben geschoven. Het wachten is nu op een mogelijk boze reactie van die partijen of het college. En of die het vragengeweld op hun eigen manier gaat beantwoorden.
In de grijze oudheid was er een liberale minister Hans Wiegel van binnenlandse zaken die last had van veel vragen van de toen nog bestaande oppositiepartij PvdA. Hij had daarna standaardantwoorden bij de hand: Ja, nee en geen mening.
De rubriek ‘je suis rien’ is een boeketje columnpjes, vaak maar van één alinea. Een clin d’oeil naar mezelf en de samenleving. Een knipoogje, soms met serieuze ondertoon.